Naar aanleiding van de auditie op vrijdag 30 april te Kortrijk, waarop mijn leerlingen en ikzelf samen al mijn orgelwerken speelden, geef ik hier het programma en een korte beschrijving van de gespeelde werken:

3 Miniaturen op.2 zijn geschreven voor de Lagere Graad 4. Het 1e is manualiter heeft iets dromerigs. Het 2e is heel wat kordater, met pedaal. Het 3e laat een herdersfluitje horen. Een bourdonbegeleiding geeft een stevige basis.

Intermezzo op.8 is ontstaan in de Ardennen bij kabbelende watertjes..het heeft een vloeiend en ontspannend karakter, braaf romantisch. De melodie zingt met een 2’ in het pedaal.

Impression op.10 is ook een opgelegd werk voor Lager 4. Het bestaat uit 3 deeltjes. Het eerste is fugatisch sober, het tweede is als een koraal met speelse interventies van het pedaal, het slot is een opbouw en afbraak van 1 groot akkoord.

Lamento op.11 is een klaagzang met veel chromatische elementen, en strijkende stemmen. Geschreven voor M.Somers, een schilder die van wit hield.

Choral Varié op.19 is geschreven in opdracht voor de AXIS wedstrijd. Het koraal, van eigen vinding, wordt gevolgd door 3 variaties en als besluit horen we een pittig, ritmisch Scherzo.

Gebed op.20 trekt het moderne palet nog wat verder open. Het begint zeer sober met een herhaalde toon, die via een groot crescendo in een overdonderend einde uitmondt. Op de naam BACH en opgedragen aan Ben van Oosten, als dank voor zovele “Vierne-lessen”. Vanaf nu worden de composities vaak vergezeld van een tekstje dat de sfeer van het werk illustreert:

    Wat begon als een simpel gebed vanuit een nood
    groeit stilaan uit tot een smeekbede.

    Alle middelen, emotionele en rationele, worden aangegrepen
    en worden aandringend herhaald.

    We overstijgen het reële en vanuit de hoogste nood wordt dit gebed
    een hartstochtelijk, verscheurd smachten.

    Alle hemelse en helse krachten worden aangeroepen met ons
    onweerstaanbaar, herhalend verzuchten.

    Het einde is een waanzinnige kreet in de leegte.

Trio op.23 in Duitsland geschreven voor de organist in Biedenkopf, als dank voor een heerlijke Bach-triosonatenvakantie. Soms braaf Barok, maar durft ook de lijn verder open te trekken.

Whistling Melancholie op.26 toen het afscheid van de orgellessen na de Hogere 3 nogal zwaar uitviel en om een vakantie zinvol te gebruiken schreef ik voor Sabine Daenens dit charmante pareltje. De taal is sober modern en het karakter licht verpozend. Ook dit gaat vergezeld van een tekstje:

    “Een weemoedige leegte vult mijn binnenste
    mijn enige antwoord is een opgewekt fluiten.”

Fughetta op.29 is opgedragen aan Philip Hiltrop, opgelegd werk voor Lager 4. Het barokke thema evolueert naar een vrij moderne harmonisatie. Het thema komt in het 2e deel in spiegelvorm voor en de registratie wordt steeds voller. Na een stretto eindigt het werkje met een volle sonoriteit. Volledig manualiter.

Commotion and Peace op.30 zoals de titel laat vermoeden in een zeer turbulente tijd geschreven.. de vrede was een wens! De stijl doet misschien een beetje aan Vierne denken. Is opgedragen aan Mina, het bijbehorend tekstje: “Beyond commotion one finds peace” beschrijft goed het verloop. (Voorbij verwarring, vindt men vrede).

Petite Suite op.32 in Duitsland geschreven, Franse stijl, Duitse geest.. Bestaat uit een Prélude, een Duo, een Sicilienne en een Final. Daar Mina meewas is dit ook Mina gewidmet. Het thema van het Duo is dan ook niet zomaar Mi-La..

Méditation op.33 is ontstaan in Brussel na een concert van A.Isoir. Het is dan ook aan hem opgedragen. Een warm fluitregister mediteert hier boven een deinende begeleiding. Het bijhorende tekstje:

    “Quand plus rien ne marche, laisse tomber tout espoir.
    Il n’y a qu’un chemin : celui vers l’intérieur."

    (Als niets meer gaat, laat alle hoop varen.
    Er is maar één weg: deze naar binnen)

Furioso op.34 is in de vreedzame kerstperiode geschreven. Het is een nogal woest gedoe, eerst ingehouden, heel diep beheerst, thema in het pedaal, maar stilaan meer en meer losgelaten, barst op het einde een geweldig tutti los. Opgedragen aan Tamara Badalyan een eersteklas orgeliste uit Armenië, die ik ooit op een auditie in Lübeck hoorde spelen, heel lang geleden. Pas afgestudeerd bij Prof. Martin Haselböck aan de Musikhochschule te Lübeck met een schitterend programma. Bijhorende tekst:

    The mighty energy of the inner vulcano can be very deep
    and controlled. But when it comes to explode its
    power is overwhelming and most purifying.

    ( De machtige energie van de innerlijke vulkaan
    kan zeer diep zitten en gecontroleerd zijn.
    Maar wanneer deze tot uitbarsting komt
    Is haar kracht overrompelend en heel zuiverend.)

Forgiveness op.35 Februari 2004..een reeks variaties, poëtisch en speels, op een sobere zuivere harmonische achtergrond. De begeleidende tekst zegt genoeg:

    “After forgiveness, one finds back his inner peace. Pure energy starts
    flowing again, the heart starts dancing, singing and the mind is nothing
    but sheer purity and pure innocence.”

    ( Na vergeven te hebben, vindt men zijn innerlijke vrede weer.
    Pure energie gaar weer stromen, het hart begint te dansen en te zingen
    en de geest bestaat uit louter zuiverheid en pure onschuld.)

3 Paraphrases Grégoriennes op.36 Dit 3-delige werk omvat: bewerkingen van: 1.Rorate. 2.Ubi caritas et amor. 3. Te Deum laudamus. Ter viering van mijn 50e verjaardag is dit werk volledig gratis beschikbaar op de site van Sibelius Scorch. Je kan het daar ook beluisteren en downloaden.

The Devil’s Tail op.37 Dit korte werkje is voor manuaal geschreven. Het is een vinnig scherzo-achtig stukje muziek, kort van duur( 2’25”) maar dat nog lang zal blijven nazinderen!

Chemin de Croix op.38 14 taferelen beschrijven de 14 verschillende staties van de kruisweg. Uitgevoerd in Kortrijk in juni 2006, met begeleidende teksten en afbeeldingen van schilderijen.

Abendmusiken op.39 is geschreven in opdracht van de Kortrijkse orgelkring als opgelegd werk voor de orgelbespelingen in 2007. Het is bedoeld als ‘ hommage’ aan D.Buxtehude. De titel, Abendmusiken, verwijst naar een reeks concerten door Buxtehude op zondagavonden georganiseerd.

  • Deel 1 / Ave Maris Stella is een verwijzing naar de Marienkirche, waar Buxtehude werkzaam was. Je hoort ook een thema op de naam Lübeck, de stad waar Buxtehude werkzaam was.
  • Deel 2 / Fuge-Fantasie is op de naam Buxtehude gemaakt D-B. Hier komt ook een thema op de naam BACH naar voor. Deze 2 thema’s ontmoeten elkaar.
  • Deel 3 / Totentanz verwijst naar een schilderij dat naast het orgel van Buxtehude hing. Het was een spotprent, spottend met de dood. In dit deeltje staat de lichte humor ook centraal en hoor je het bekende ‘ Dies Irae’ klinken.
Met een CD, waarmee je alles nog eens rustig kunt beluisteren, wil ik allen danken: zij die aan de auditie meewerkten en ook hen die mij, door vreugde en verdriet heen, inspiratie bezorgden. Muziek is emotie.. veel luister- en speelgenot!

Terug naar de hoofdpagina ...